Wat is een risicoprofiel?
Bij sommige aanbieders kies je een risicoprofiel. Dat profiel bepaalt vaak de mix tussen aandelen en obligaties. Aandelen kunnen harder schommelen in waarde, obligaties meestal minder. Hoe meer je dus in obligaties belegt, hoe lager het risicoprofiel, maar ook hoe lager je verwachte rendement.
Beleggen in aandelen doe je bij voorkeur voor minimaal tien jaar
Aandelenkoersen gaan omhoog en omlaag. Als de koersen laag staan, wil je niet gedwongen worden je beleggingen te verkopen, maar wil je rustig kunnen afwachten tot de koersen weer zijn gestegen. Daarom werkt beleggen in brede aandelen meestal het best met geld dat je langere tijd kunt missen, bij voorkeur tien jaar of langer.
Maar wat als je het geld over 5 jaar nodig hebt?
Als je over 5 jaar een auto wilt kopen met een (deel van) je gespaarde middelen, wil je vooral zekerheid dat het geld er dan is. Is het dan logisch om bijvoorbeeld een gemiddeld risicoprofiel te kiezen, waarbij bijvoorbeeld de helft van dat geld in obligaties gaat, en de helft in aandelen? Nee! Want de kans bestaat dat over 5 jaar de aandelenmarkt op -30% staat, en dat kunnen obligaties waarschijnlijk niet compenseren. Toch suggereren sommige aanbieders dat je bij een gemengde portefeuille met een lager risicoprofiel, een minder lange tijdhorizon nodig hebt. Zo kan een risicoprofiel je een vals gevoel van veiligheid geven.
Hoe doen wij het dan?
Wij houden het simpel met één vraag: hoeveel geld heb je mogelijk binnen 10 jaar nodig?
Geld dat je binnen 10 jaar nodig hebt: spaar het via een spaarrekening als je het op korte termijn nodig hebt, of beleg het in een obligatiefonds.
Geld dat je langer dan 10 jaar kunt missen: overweeg beleggen in aandelen (zoals bij UpToMore, waarin we via ETF’s in aandelen beleggen).
Lees ook “Beleggen of sparen”.
Het verschil tussen sparen en beleggen in obligaties
Sparen en beleggen in obligaties hebben beide een relatief laag risico vergeleken met beleggen in aandelen, maar er zijn wel verschillen:
Sparen heeft inflatie-risico (meestal ligt de rente lager dan de inflatie, maar de rente volgt de inflatie wel op de voet). Kortom, de kans is groot dat je met je spaargeld steeds minder kunt kopen.
Obligaties hebben twee risico’s: renterisico (als de rente stijgt, daalt meestal de koers van een obligatie met vaste rente, terwijl de spaarrente vaak geleidelijk meestijgt) en tegenpartijrisico (de uitgever van de obligatie, een bedrijf of land, kan in financiële problemen komen of failliet gaan, waardoor je mogelijk een deel van je geld verliest).
